Kwartaalupdate successieplanning – Q4: terugblik op 2025

Een goede successieplanning brengt gemoedsrust. De wetgeving, rechtspraak en administratieve standpunten zijn evenwel voortdurend in beweging. U doet er dan ook goed aan om geregeld na te gaan of uw successieplanning nog up-to-date is.

In deze kwartaalupdate vindt u een terugblik op de belangrijkste ontwikkelingen voor onze praktijk uit 2025:

  • Het jaar 2025 stond in het teken van belangrijke fiscale hervormingen. Het regeerakkoord van de Arizona-regering introduceerde diverse maatregelen die ook relevant kunnen zijn voor uw successieplanning, en meer specifiek voor familiale ondernemingen. Denk hierbij aan de meerwaardebelasting, de verstrenging van de DBI-voorwaarden, een belasting van 5% voor DBI-beveks, de harmonisatie van het VVPRbis-regime en het regime van de liquidatiereserve, een exit taks bij emigratie en een verdubbeling van de effectentaks. Hoewel enkele maatregelen, zoals die uit de Programmawet van 18 juli 2025 (zie onze eerdere bijdrage), inmiddels reeds wet zijn geworden, bevinden veel andere voorstellen zich nog in de voorbereidende fase. De maatregel die wellicht het meeste stof deed opwaaien, is de meerwaardebelasting, die (retroactief) in werking zou treden per 1 januari 2026. De wetteksten zijn nog niet definitief, maar het zou de bedoeling zijn om tegen eind februari 2026 tot een akkoord te komen.

  • Ook op Vlaams niveau werden eind 2025 een aantal belangrijke hervormingen aangekondigd. Het Programmadecreet 2026 dat op 30 december 2025 werd gepubliceerd, voert een aantal belangrijke wijzigingen door in de erf- en schenkbelasting:

  • Een gefaseerde verlaging van de erfbelasting: kinderloze singles kunnen tot 100.000 euro nalaten tegen een tarief van 3%, op voorwaarde dat er een testament is.

  • Een verhoging van de vrijstelling voor langstlevende partners: voor de nalatenschappen die openvallen vanaf 1 januari 2026 wordt de vrijstelling op roerende goederen verhoogd van 50.000 euro naar 75.000 euro. 

  • Een hervorming van het gunstregime in de erf- en schenkbelasting voor familiale vennootschappen: met ingang van 1 januari 2026 is het zogenaamde “achterpoortje” voor privévastgoed in familiale vennootschappen gesloten (zie onze eerdere bijdrage).

Residentieel vastgoed wordt voortaan uitgesloten van het gunstregime in de erf- en schenkbelasting, tenzij aan twee cumulatieve voorwaarden wordt voldaan: (i) de betrokken vennootschap haalt minstens 75% van haar omzet uit activiteiten die betrekking heeft op residentieel vastgoed, en (ii) de vennootschap telt in de drie jaren voor (en na) de schenking of vererving minstens één voltijdse werknemer (FTE). Deze hervorming heeft verstrekkende gevolgen in de praktijk. De meeste vastgoedgroepen zullen in de praktijk onzes inziens immers niet in aanmerking komen voor deze uitzondering, tenzij zij hun structuur fundamenteel aanpassen. De Vlaamse Belastingdienst (“Vlabel”) heeft inmiddels een FAQ gepubliceerd, waarin enkele openstaande vragen uit onze eerdere bijdrage werden beantwoord. Opmerkelijk is bijvoorbeeld dat de 75%-uitzondering enkel geldt voor residentieel vastgoed. Dit betekent dat een combinatie met commercieel vastgoed niet mogelijk is, wat volgens ons vragen oproept onder het gelijkheidsbeginsel.

Het Programmadecreet verankert ook de Cassatierechtspraak van 13 december 2024 met betrekking tot de belastbare grondslag bij kapitaalverminderingen binnen de drie jaar na de schenking of vererving van een familiale vennootschap (zie eerdere bijdrage) in de Vlaamse Codex Fiscaliteit. Concreet wordt nu expliciet bepaald dat de naheffing in dergelijke gevallen verschuldigd is op het nominale bedrag waarmee het kapitaal of de gedane inbrengen zijn verminderd.

  • In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest werd de verdachte periode voor niet-geregistreerde roerende schenkingen vanaf 1 januari 2026 verlengd van drie naar vijf jaar, naar het voorbeeld van het Vlaams Gewest (sinds 1 januari 2025) en het Waals Gewest (sinds 1 januari 2022).

  • Vlabel publiceerde het afgelopen jaar opnieuw een aanzienlijk aantal voorafgaande beslissingen over de zogenaamde “bierroute”. Dit is een techniek om belastingvrij aandelen te schenken via een inbreng in een maatschap (zie eerdere bijdrage). Opvallend is dat Vlabel hierbij een terughoudendere houding lijkt aan te nemen, met meerdere negatieve rulings als gevolg. Indien u overweegt deze techniek toe te passen, is de nodige voorzichtigheid geboden. Vlabel neemt voornamelijk de mate van controlebehoud door de schenker(s) grondig onder de loep.

  • De hervorming van de kaaimantaks van eind 2023 werd door het Grondwettelijk Hof gedeeltelijk teruggedraaid in een arrest van 18 september 2025, waarbij onder andere de exitheffing bij emigratie en de te restrictieve definitie van “economische activiteit” in het kader van de substance-uitsluiting werden vernietigd (zie eerdere bijdrage).

  • Het Grondwettelijk Hof deed in zijn arrest van 4 december 2025 eveneens uitspraak over de verschillende vernietigingsberoepen tegen de hervorming van de “taks tot vergoeding der successierechten” (beter bekend als de “patrimoniumtaks”). Het Hof aanvaardde de verhoging van het tarief, maar besliste om de hervorming gedeeltelijk te vernietigen in de mate dat een gunstregeling werd voorzien voor bepaalde sectoren (met dien verstande dat de gevolgen van de vernietigde bepalingen werden gehandhaafd). De wetgever heeft tot en met 31 december 2026 de tijd om een nieuwe (gunst)regeling uit te werken.

Ook in 2026 volgen wij de evoluties op het vlak van successieplanning op de voet en staan wij u graag bij om een successieplanning op maat van uw wensen uit te werken. Een aantal van bovengenoemde verduidelijkingen openen alvast opportuniteiten om aan successieplanning te doen.